Gaat de bodem dalen, en hoeveel dan?

Als gevolg van zoutwinning treedt onvermijdelijk bodemdaling op. De enige manier om zeker te weten hoeveel precies, is meten. Frisia heeft daarvoor een uitgebreid meetprogramma, dat zowel op zee als op land de effecten meet en bewaakt. 

Op basis van eerdere boringen worden voor de start van de winning natuurlijk ook al prognoses gemaakt. De vergunning van Frisia gaat uit van een bodemdaling van 2 cm tot in de veerhaven van Harlingen. Onder de stad zal zich dus een lichtere mate van bodemdaling uitstrekken. Om te bewaken dat de daling en de scheefstand ruimschoots binnen de geldende schadecriteria blijven, zijn hierover in een Samenwerkingsovereenkomst concrete afspraken gemaakt. 

In juli 2020 werd duidelijk dat Frisia op een andere locatie dan voorzien begint met het winnen van zout, namelijk op locatie HM-2. Die ligt noordoostelijker van de stad dan de oorspronkelijke startlocatie. De bodemdalingscontouren schuiven daardoor op, van de stad af, zoals te zien is op deze prognose (gebaseerd op de huidige inzichten en een productie van 16 miljoen ton zout uit deze caverne). 

De vergunning van Frisia omvat maximaal nog 3 andere cavernes: HM-1, HM-1 STD en HM-3. Hoe de cumulatieve bodemdalingscontouren eruit komen te zien, is afhankelijk van de vraag of en welke andere cavernes nog worden gemaakt. Gezien de vergunningsvoorwaarden blijft de 2 cm bodemdaling in de veerhaven echter het maximum. 

 


Schade door zoutwinning: en dan?

Sinds 1 juli 2020 zijn er twee landelijke schadeloketten. Eentje is voor het Groninger aardbevingsgebied en de andere is er voor alle andere gevallen, ongeacht of dat nu zoutwinning, gas, geothermie of de voormalige steenkoolwinning betreft. Het stroomschema voor schademeldingen laat dit zien. Als Harlinger ben je dus bij de Commissie Mijnbouwschade aan het enig juiste adres.

De commissie telt vier leden:
- voorzitter is jurist en oud-rechter mr. Rian Vogels
- Margriet Drijver (ervaring met sociaal-maatschappelijke vraagstukken bij woningcorporaties en zorgen van bewoners)
- Siefko Slob (expert in gebouwconstructies in relatie tot de ondergrond)
- Piet van Staalduinen (expert op het gebied van gebouwconstructies in relatie tot bodembeweging door onder meer mijnbouw)

Vergeleken met eerdere afhandeling van schades zijn er flinke veranderingen doorgevoerd. Het uitgangspunt van de Commissie Mijnbouwschade is dat de schade-afhandeling laagdrempelig, transparant, deskundig en onafhankelijk is. Bovendien neemt de commissie de bewijslast over van degene die de schade meldt.

Als eerste zijn bindende afspraken gemaakt voor schade door gaswinning. Voor schade door zoutwinning is dat op dit moment nog niet het geval (peildatum 8 augustus 2020).

Meer informatie is te lezen op https://www.commissiemijnbouwschade.nl/

Zoekt u specifieke andere informatie, of kunt u het eenvoudig niet vinden, dan proberen we daar graag in te voorzien. Neem in dat geval contact op via info@pilotharlingen.nl.


Kun je nog bezwaar maken tegen de zoutwinning?

De laatste bezwaartermijnen inzake vergunningen van Frisia Zout verstreken al jaren geleden. De verkregen concessie is geldig tot 2052. Vanzelfsprekend moet het bedrijf al die tijd blijven voldoen aan de vergunningsvoorwaarden, zoals jaarlijkse rapportages over de bodemdaling. Vanuit het rijk houdt het Staatstoezicht op de Mijnen daar toezicht op.

Veel relevante documenten en vergunningen zijn na te lezen via www.frisiazoutharlingen.nl. Ook via www.nlog.nl zijn gegevens te vinden.

Zoekt u specifieke andere informatie, of kunt u het eenvoudig niet vinden, dan proberen we daar graag in te voorzien. Neem in dat geval contact op via info@pilotharlingen.nl.  


De 'stroperigste steen in de aardkorst'?

Steenzout wordt 'de stroperigste steen in de aardkorst' genoemd. Het bezit namelijk een zeer merkwaardige eigenschap: aan de ene kant is het keihard, zodat het breekt onder een hamerslag, en aan de andere kant kan het vloeien als dikke stroop terwijl het desondanks helemaal in de vaste, kristallijnevorm blijft.

Die uitzonderlijke plasticiteit is onder andere het gevolg van de zwakke ionbindingen in NaCl, waardoor de ionen makkelijk langs elkaar kunnen glijden. Zodoende vormen zich zelden barsten en breuken in steenzout, en ze vloeien snel dicht wanneer ze wel ontstaan. 

Verder heeft steenzout een bijzonder lage doorlatendheid. De 'poriën', die normaal in het zout aanwezig zijn, worden snel dichtgedrukt. Dat betekent dat je steenzout uit grote cavernes kunt oplossen zonder dat de pekel doordringt in het omliggende  poreuze gesteente. 

Op deze twee bijzondere eigenschappen van steenzout is de oplossingmijnbouw door Frisia gebaseerd.

Zoekt u meer of andere informatie over dit onderwerp, dan proberen we daar graag in te voorzien. Neem in dat geval contact op via info@pilotharlingen.nl


Waarom boort Frisia uitgerekend bij Harlingen?

Halverwege de jaren '90 startte Frisia Zout - toen nog Frima - in Noordwest-Fryslân met de winning van 1,2 miljoen ton zout per jaar. Dat vroeg een investering van 120 miljoen gulden en nog eens 40 miljoen voor een warmte-kracht centrale waarmee het bedrijf in de eigen energievoorziening kon voorzien.

De bodemdaling in Noordwest-Fryslân verliep veel sneller dan verwacht. De maximaal vergunde bodemdaling begon na 10 jaar al in zicht te komen. De infrastructuur en productielocatie van Frisia waren echter berekend op tientallen jaren van zoutwinning. Daarom werd rondgekeken naar alternatieve winningslocaties in de buurt.

In 2006 werd door een nieuw coalitieakkoord verplaatsing van de winning van land naar de Waddenzee voor de provincie acceptabel. Daarbij werden diverse opties bekeken. Het voorkeursalternatief van Frisia was 2/3 winning op zee, en 1/3 op land. Onder invloed van het ministerie EZ en de bestuurlijke omgeving werd in 2010 uiteindelijk gekozen voor 100% winning op zee. Daarmee werd de bedrijfseconomische activiteit veiliggesteld, terwijl de natuurwaarden van het Waddengebied werden geborgd door een monitoringsprogramma en het ‘hand aan de kraanprincipe’ in combinatie met een maximale gebruiksruimte voor bodemdaling. 

Zoekt u specifieke andere informatie, of kunt u het eenvoudig niet vinden, dan proberen we daar graag in te voorzien. Neem in dat geval contact op via info@pilotharlingen.nl.


Hoe werkt de zoutwinning?

In Nederland wordt zout gewonnen door oplosmijnbouw. Diep in de grond rond Harlingen zit de Zechstein zoutlaag. Via het pompstation op het terrein van Frisia Zout wordt zoet water in die laag ingebracht. Daardoor lost het steenzout op zodat een holte ontstaat: een 'caverne'.

Steenzout heeft een zeer bijzondere eigenschap: het 'vloeit', het 'kruipt'. Dat plastisch vloeigedrag zorgt dat de caverne langzaamaan weer dichtvloeit. De grootte van zo’n caverne kan dus min of meer constant gehouden worden door het
dichtstromen van de caverne te compenseren met de snelheid waarmee het zout opgelost en gewonnen wordt. Frisia brengt daarom continu zoet water in, en pompt het ontstane zoute water weer op. Bovengronds wordt dit pekelwater verdampt en droog zout blijft over. Dit zout is onder andere bestemd voor consumptie, en wordt gebruikt als onthardingszout, strooizout en grondstof voor de chemische industrie.

In de ondergrond blijft een met pekel gevulde zoutcaverne achter. Een dun laagje diesel op de pekel beschermt het dak van de zoutcaverne onder de grond.

Zoutwinning zorgt voor bodemdaling, die meestal langzaam en gelijkmatig verloopt.

Zoekt u specifieke andere informatie, of kunt u het eenvoudig niet vinden, dan proberen we daar graag in te voorzien. Neem in dat geval contact op via info@pilotharlingen.nl.


Kunnen er aardbevingen ontstaan?

Aardbevingen zoals bij de gaswinning zijn er bij zoutwinning niet. Maar helemaal zonder risico is zout winnen ook niet.

Een caverne kan (deels) instorten, wanneer de zoutlaag bóven de caverne niet dik genoeg wordt gehouden, of wanneer de wanden van de caverne niet stevig genoeg blijven omdat te dicht bij een andere caverne wordt geboord. Als dan bijvoorbeeld een stuk rots of zout uit het dak of wand van een caverne valt, kan dat aan het oppervlak trillingen geven.

Maar… Winschoten dan?
Bij een zoutcaverne in de buurt van Winschoten heeft het KNMI op 19 november 2017 inderdaad vier aardbevingen gemeten, waarvan de zwaarste een kracht van 1,3 had. De andere bevingen waren zo licht, dat de kracht niet was vast te stellen. Waar Frisia op kilometers diepte boort, waren deze bevingen op een diepte van ongeveer 400 meter. Of de bevingen een natuurlijke oorzaak hadden, of verband hielden met de zoutwinning, kon in het rapport van het KNMI niet worden vastgesteld.

Maar… Twente dan?
In Twente is inderdaad sprake van zinkgaten. Er werd in 1918 met zoutwinning begonnen en sindsdien veranderde de bodem tussen Enschede en Hengelo in een ‘gatenkaas’ met meer dan 60 cavernes, die bovendien met het inzicht en de kennis van toen werden gemaakt. Wanneer instabiele cavernes (gedeeltelijk) instorten, kunnen aan de oppervlakte zinkgaten ontstaan – een probleem waar AkzoNobel nu mee worstelt. Door de andere omstandigheden en de betere technieken zijn situaties als in Twente bij Harlingen echter niet te verwachten.

Zoekt u andere of meer specifieke informatie, of kunt u het eenvoudig niet vinden, dan proberen we daar graag in te voorzien. Neem in dat geval contact op via info@pilotharlingen.nl

 


Hoe ziet het Aanvullend Meetnet er uit?

Het Aanvullend Meetnet bestaat uit 16 meetpunten. Die worden, vanuit de puntbron op zee gerekend, op een rechte lijn tot in de binnenstad van Harlingen geplaatst.

De 16 meetpunten zijn verdeeld over 5 locaties:
a. Eén op het pleistoceen gefundeerde 'borehole' tiltmeter en één op het maaiveld geplaatste versnellingsmeter, beiden nabij de camperplaats bij de Tsjerk Hiddeszsluizen;
b. Vier tiltmeters in de kelder van een historisch pand aan de Zoutsloot, met op het maaiveld naast het pand een peilbuis die het freatisch waterpeil meet;
c. Vier tiltmeters in de kelder van een historisch pand op de Rommelhaven, met in de straat een peilbuis die het waterpeil in de pleistocene laag meet;
d. Eén gecombineerde tilt- en versnellingsmeter op het maaiveld op het Franekereind, met in de buurt een peilbuis die het freatisch waterpeil meet;
e. Eén in het pleistoceen verankerde 'borehole' tiltmeter in de Fabrieksstraat, met daarbij een versnellingsmeter op het maaiveld.

Een schematische weergave van het Aanvullend Meetnet is hier te zien.

Het Aanvullend Meetnet is ontworpen door drs Peter van der Gaag van Holland Innovation Team uit Rotterdam. Hij is op verzoek van de SBHH door Frisia Zout voor deze klus ingehuurd. Er wordt nog hard gewerkt om het meetnet in 2020 operationeel te krijgen. Het duurt dan nog jaren voordat de bodemdaling Harlingen zal bereiken. De nulsituatie van de stad kan dus uitgebreid in kaart worden gebracht.

Zoekt u meer of andere informatie over dit onderwerp, dan proberen we daar graag in te voorzien. Neem in dat geval contact op via info@pilotharlingen.nl


Wat zijn de risico's van zoutwinning?

In 2018 publiceerde het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) het rapport 'Staat van de sector zout'. Dit gebeurde vanwege de toegenomen maatschappelijke behoefte aan openheid.

In het rapport beschrijft SodM twee categorieën risico’s voor de leefomgeving: bodemdaling en verontreiniging:

Wat betreft bodemdaling gaat het in elk geval om geleidelijke bodemdaling, die zich in de loop van jaren voltrekt. Hierbij daalt de bodem over een kilometers groot gebied met maximaal enkele centimeters tot decimeters. Doordat de zoutlaag rond de caverne iets dunner wordt, daalt de bovengrond. De daling is recht boven de caverne het grootst. Hoe verder van de caverne, hoe minder de bodemdaling. Bodemdaling leidt soms aan schade aan gebouwen, infrastructuur of de natuur. Met name in de waterhuishouding zijn soms aanpassingen nodig.

Ook na beëindiging van de winning, en zelfs na het afsluiten van de caverne, kan nog bodemdaling optreden. Ook wanneer de caverne niet meer actief wordt gebruikt ‘stroomt’ nog zout uit de omgeving toe. Mogelijk kan dit duizenden jaren duren, waarbij de bodem daalt in de orde van enkele decimeters.

Naast de geleidelijke kan er ook plotselinge bodemdaling zijn. Dat kan een proces van enkele uren of enkele maanden zijn, waarin forse en zeer lokale effecten kunnen optreden.

Wat betreft verontreiniging valt te denken aan het produceren en transporteren van stoffen zoals zout, pekel en dieselolie. Daarbij bestaat een risico op verontreiniging van de omgeving: bovengronds door lekkage van leidingen, of ondergronds door een lekkage uit de put of de caverne.

Meer lezen?
Voor het hele hoofdstuk over risico's van zoutwinning, klik hier.
Om de risico's specifiek voor de Harlinger situatie te lezen, klik hier.
Voor het hele rapport 'Staat van de sector zout', klik hier

Zoekt u meer of andere informatie over dit onderwerp, dan proberen we daar graag in te voorzien. Neem in dat geval contact op via info@pilotharlingen.nl.


Hoe word je als huiseigenaar beschermd?

In de Samenwerkingsovereenkomst is afgesproken dat Frisia - aanvullend op het meetnet in de Waddenzee - ook in Harlingen een meetnet aanlegt. Dat moet uitwijzen of eventuele bodemdaling en/of schade al of niet is toe te schrijven aan de zoutwinning. 

In aanvulling hierop wordt met name vanuit de Stichting Bescherming Historisch Harlingen nog bekeken of en hoe huiseigenaren hun pand zinvol en juridisch houdbaar kunnen documenteren. Volg ontwikkelingen op dit vlak via https://www.sbhh.nl

Landelijk is de trend dat schademelders 'ontzorgd' moeten worden. Dit naar aanleiding van de situatie in Groningen, waar huiseigenaren met schade te vaak en te lang tussen wal en schip vielen. Het nieuwe landelijke schadeloket, dat voor een betere afhandeling van meldingen moet zorgen, is echter nog in ontwikkeling (peildatum 8 augustus 2020) Zie verder  https://www.commissiemijnbouwschade.nl/

Zoekt u andere of meer specifieke informatie, of kunt u het eenvoudig niet vinden, dan proberen we daar graag in te voorzien. Neem in dat geval contact op via info@pilotharlingen.nl.